Liturgie

Wie beter begrijpt wat er in de kerk gebeurt, ervaart ook meer diepgang tijdens de verschillende liturgische onderdelen. Wat we in de kerk doen, is geen willekeur, maar gebeurt in verbondenheid met gelovigen wereldwijd en van eeuwen geleden.

De liturgie die wij in onze kerk gebruiken, gaat terug op de traditionele Rooms-Katholieke liturgie. In de meeste protestantse kerken werd deze liturgie stapsgewijs heringevoerd in de loop van de 20e eeuw, de zogenaamde liturgische beweging. Bij het ontstaan van de protestantse kerken waren veel van de ‘Roomse’ invloeden in onbruik geraakt, en de liturgische beweging probeerde dat te herstellen.

De klassieke mis (en onze diensten) bestaat uit een aantal vaste en een aantal wisselende gezangen. De vaste onderdelen (het Ordinarium) hebben iedere week dezelfde tekst, de wisselende onderdelen (Het Proprium) niet. Hieronder staan de verschillende onderdelen op een rij met de Latijnse benaming. Tussen haakjes staat omschreven hoe we het in onze liturgie kennen.

Ordinarium (vast)

Proprium (wisselend)

 

Introïtus (Intochtspsalm)

Kyrie (Heer ontferm U)

 

Gloria (Gloria of glorialied)

 
 

Graduale (Lied na de eerste lezing)

 

Alleluia (Acclamatie of lied na de evangelielezing)

Credo (Geloofsbelijdenis)

 
 

Offertorium (In onbruik)

Sanctus/Benedictus (Heilig, heilig/gezegend)

 

Agnus Dei (Lam Gods)

 
 

Communio (Lied tijdens avondmaal)

Introïtus

Het lied waarmee we elke dienst beginnen is de intochtspsalm of Introïtus. De intochtspsalm behoort tot het Proprium, dat betekent dat het elke week een andere psalm is. Hiervoor gebruiken we een jaarrooster: elke zondag door het jaar heen heeft dus zijn eigen intochtspsalm. De protestantse kerk hanteert precies dezelfde intochtspsalm als de Rooms-Katholieke kerk, protestanten en Rooms-katholieken beginnen hun diensten dus met dezelfde woorden (op verschillende melodieën).

De psalm die op een bepaalde zondag aan de beurt is, heeft meestal dezelfde thematiek als de lezingen. De combinatie van psalm en lezing klopt echter niet altijd: in tegenstelling tot de RK heeft de PKN een driejarig leesrooster, zodat de psalm in het ene jaar wat beter bij de lezing past dan in het andere jaar.

Sommige zondagen hebben een bijzondere naam. Deze naam is vaak afgeleid van de introïtus. Zo heet bijvoorbeeld de derde zondag van de 40-dagentijd ‘zondag oculi’, naar psalm 25: vers 15: Mijn ogen (latijn: oculi) zijn op de Heer gericht. Lied 25a uit het liedboek haakt hier mooi bij aan, de eerste zin luidt: ‘Mijn ogen zijn gevestigd op God, of Hij mij redt.’ De evangelielezing van deze zondag (Johannes 4:5-26) verhaalt over Jezus’ gesprek met een Samaritaanse vrouw, waarbij ze ook over redding komen te spreken. Zo kunnen introïtus en lezing mooi op elkaar aansluiten.

 

Kyrie en Gloria

Het gezang dat volgt op de introïtus, zijn het Kyrie en het Gloria. Deze zijn onderdeel van het Ordinarium. Dat betekent dat de tekst steeds hetzelfde is.

Kyrie eleison is Grieks, en een van de weinige Griekse teksten die klinken in de mis. Wij zingen dat uiteraard in het Nederlands: Heer ontferm U. Deze uitroep komt in veel plaatsen in de bijbel voor, bijvoorbeeld in het verhaal van de blinde Bartimeüs (Marcus 10:17). Aan het begin van de dienst nemen we onze gedachten over de wereld mee naar binnen, en leggen deze bij God neer.

Het Gloria is een lofzang die onmiddellijk volgt op het Kyrie. Het begin is ontleend aan de zang van de engelen op eerste Kerstdag. Er lijkt inhoudelijk een grote kloof te zijn tussen het Kyrie en de lofzang die er onmiddellijk op volgt. Dat lijkt een groot contrast, maar dat valt mee wanneer je de volledige oorspronkelijke tekst bekijkt. (De volledige tekst van het Gloria staat in bijvoorbeeld het liturgieboekje (pagina 30) of in het liedboek (lied 299a))

In het Kyrie vragen we om Gods ontferming, in het Gloria prijzen we God omdat hij naar ons omziet. En ook het Gloria is niet alleen maar lofprijzing: halverwege vragen we nogmaals om Gods ontferming. Lofprijzing en Gods ontferming staan niet los van elkaar, maar hebben alles met elkaar te maken.

Er zijn veel manieren om het Kyrie en het Gloria te zingen. Alleen al in het liedboek staan tientallen versies. En ook bijvoorbeeld de protestantse componist Bach heeft een aantal korte missen (missa brevis) geschreven. In zo’n missa brevis zijn alleen het Kyrie en het Gloria getoonzet.

Ook zijn er qua tekst veel verschillende mogelijkheden. Vrij snel na de reformatie werden er al hertalingen gemaakt, bijvoorbeeld: God in den hoog’ alleen zij eer (liedboek 302). Vaak kiezen wij voor een lied dat weliswaar niet de complete Gloriatekst verklankt, maar wel een loflied is. Daarmee sluiten we aan bij de traditie, maar brengen daar wat variatie in aan.

In onze dienst volgt na de evangelielezing en het daaropvolgende lied de preek. Daarna nog de voorbeden, de collecte en het slotlied.

 

Credo, Sanctus, Agnus Dei

Het avondmaal vieren we niet iedere week. In de Rooms-Katholieke kerk gebeurt dat wel. Dat we het avondmaal niet meer iedere week vieren, komt omdat de reformatoren meenden dat het in de kerk vooral om de preek moest gaan. De rest was dus minder belangrijk. Daarnaast moest ook voor iedere avondmaalsviering er tijd zijn om als kerkenraad alle gemeenteleden thuis te bezoeken. Want aan het avondmaal aangaan, was een zeer serieuze zaak.

Wanneer we avondmaal vieren, zingen we altijd de geloofsbelijdenis. De twee bekendste geloofsbelijdenissen zijn de geloofsbelijdenis van Nicea, en de apostolische geloofsbelijdenis. Daarmee voelen we ons verbonden met de wereldwijde kerk, zoals we ons door het vieren van het avondmaal ook met elkaar verbonden weten. De geloofsbelijdenis van Nicea is het oudst en is standaard in de klassieke mis. De gezongen versie uit ons liturgieboekje is hier een vertaling van. De opzet is ‘trinitarisch’: de tekst behandelt eerst de Vader, dan de Zoon en dan de Geest.

De apostolische geloofsbelijdenis gebruiken we in doopdiensten. Deze is wat korter dan de geloofsbelijdenis van Nicea en legt meer de nadruk op het lijden, sterven en opstanding van Jezus, en op de vergeving van zonden. Daardoor sluit deze goed aan bij de betekenis van de doop.

 

Het Triduum Sacrum

Witte donderdag, Goede vrijdag en Paaswake vormen samen het Triduum Sacrum, de heilige drie dagen. De kerkdiensten op deze dagen vormen één geheel; het is een doorlopende viering in drie delen. We lezen het lijdensverhaal vanaf de instelling van het avondmaal tot aan de opstanding.

 

Trinitatus

Zondag Trinitatis is de zondag na Pinksteren. Vanouds is dit de zondag waarop wordt nagedacht over wat het betekent dat God zich kenbaar maakt in drieën: Vader, Zoon en Geest.

Een mooi lied voor deze zondag is: Alta Trinita Beata van een anonieme componist en dichter. Het lied legt een verbinding tussen het feest van de Drie-eenheid en het avondmaal.

De tekst gaat als volgt:

    Alta Trinità beata,

    da noi sempre adorata,                     

    Trinità gloriosa

    unità maravigliosa,

    Tu sei manna saporosa

     e tutta desiderosa.

 

Gezegende hoge drie-eenheid,

Door ons altijd aanbeden.

Glorieuze drie-eenheid

prachtige eenheid,

Je bent een smakelijk manna

Naar wie ieder van ons verlangt.

 

  • Laatste update op .